Laminaat leggen als een professional: de onmisbare tips en aandachtspunten

laminaat
Foto: Pexels

Het leggen van een laminaatvloer is een populaire doe-het-zelf klus. Hoewel moderne kliksystemen de installatie vereenvoudigen, zit het verschil tussen een amateurresultaat en een strakke, duurzame vloer in de details en de voorbereiding. Dit artikel biedt u essentiële tips en aandachtspunten, rechtstreeks uit de praktijk van ervaren vloerspecialisten.

De noodzaak van perfecte voorbereiding

De kwaliteit van uw laminaatvloer wordt grotendeels bepaald door de voorbereiding van de ondergrond en de acclimatisering van het materiaal. Dit zijn de stappen die u absoluut moet volgen:

1. Laminaat laten acclimatiseren

Laminaat ‘werkt’ door veranderingen in temperatuur en luchtvochtigheid. Als u het laminaat direct legt, kan het later krimpen of uitzetten, met bolle vloeren of kieren tot gevolg.

  • Regel: Laat de gesloten pakken laminaat minimaal 48 uur rusten in de ruimte waar u gaat leggen.
  • Locatie: Leg de pakketten plat op de grond, met minstens 50 cm afstand van de muren. Zet ze nooit schuin tegen de muur.

2. De ondergrond en ondervloer

Een vlakke ondergrond en de juiste ondervloer zijn cruciaal voor de levensduur en het comfort van uw laminaat.

  • Vlakheid: De ondergrond moet schoon, droog en vlak zijn. Controleer of het hoogteverschil niet meer dan 2-3 mm per meter bedraagt. Bij grotere oneffenheden moet u eerst egaliseren.
  • Ondervloer keuzes: De ondervloer dient meerdere doelen:
    • Vochtwering: Bij betonnen vloeren op de begane grond is een vochtwerend scherm (dampremmende folie) essentieel om optrekkend vocht te blokkeren.
    • Geluidsdemping: In appartementen zijn ondervloeren met een hoge dB-reductie vaak verplicht om contactgeluid te beperken.
    • Stabilisatie: Een goede ondervloer vangt lichte oneffenheden op en biedt een stabiele basis voor het kliksysteem.

Legtechnieken voor het beste optische effect

Een professional besteedt veel aandacht aan de legrichting. Dit bepaalt hoe de ruimte oogt en hoe de naden zichtbaar zijn.

3. De legrichting bepalen

De algemene regel is om laminaat in de richting van de belangrijkste lichtinval (het grootste raam) te leggen.

  • Lengte en licht: Door parallel aan het licht te leggen, vallen de naden minder op, waardoor de ruimte rustiger en langer oogt.
  • Breedte en ruimte: In een smalle, lange ruimte kan het juist effectiever zijn om de planken dwars op de lengte (in de breedte) te leggen. Dit maakt de ruimte optisch breder.
  • Wildverband: Leg de planken in wildverband, zonder vast patroon. Gebruik het afgezaagde reststuk van de vorige baan (mits minimaal 30 cm lang) om de volgende baan te starten. Dit zorgt voor een natuurlijke look. Meng planken uit verschillende pakketten om kleurverschillen over de gehele vloer te verdelen.

4. De essentiële uitzetvoeg

Laminaat beweegt. Dit is de meest gemaakte fout die leidt tot het bol staan van de vloer.

  • Regel: Houd altijd een uitzetvoeg aan van 8 tot 10 mm tussen het laminaat en alle vaste objecten (muren, deurkozijnen, verwarmingsbuizen).
  • Gereedschap: Gebruik afstandhouders (wiggen of afstandspietjes) om deze ruimte tijdens het leggen te garanderen. U verwijdert ze pas na het leggen. De plinten en afwerkprofielen zullen deze voeg later onzichtbaar maken.

Nauwkeurig werken en afwerking

5. Zaagwerk en speciale gereedschappen

Nauwkeurig zagen zorgt voor een nette afwerking, vooral bij deuropeningen en lastige hoeken.

  • Zaagmethode: Zaag laminaat met de decorzijde naar boven bij gebruik van een decoupeerzaag, of met de decorzijde naar onder bij een afkortzaag, om splinters aan de zichtzijde te voorkomen.
  • Laminaatsnijder: Gebruik, indien mogelijk, een laminaatsnijder. Dit maakt de klus sneller, levert schone snedes en vermijdt de stofontwikkeling van een zaag.
  • Profiel aftaster: Gebruik een profielaftaster voor nauwkeurige uitsnijdingen rond verwarmingsbuizen en deurkozijnen. Zaag de onderkant van de deurkozijnen in plaats van de laminaatplank eromheen te zagen; de vloer loopt dan mooi door.

6. Correcte afwerking

  • Plinten: Bevestig plinten altijd aan de muur, nooit aan de vloer. Dit garandeert dat de vloer vrij kan werken.
  • Overgangsprofielen: Gebruik overgangsprofielen bij deuren of waar het laminaat overgaat in een andere vloer. Dit zorgt voor een nette afscheiding en beschermt de randen.

Dit is ook interessant